Maandelijks archief: november 2014

Maandag 30 november 1914

Om 5u. uit de veren! Het 3e peloton moet loopgrachten gaan graven in PERVYSE. Opnieuw kan ik de troep niet volgen wegens de pijnlijke voeten in mijn nieuwe bottines! Ik keer dan maar terug naar AVECAPELLE. Er valt verder niets te melden vandaag, behalve dat ik een kaart krijg van Dhr.OPPERMANS23. Waar zou vader verblijven op dit ogenblik?

 

23 Correspondentie adres in Tilburg Nederland

Zondag 29 november 1914

Een dag zonder geschiedenis. Terwijl ik van wacht was op de weg zijn er schrapnels gevallen op de loopgracht, ze hebben twee gekwetsten gemaakt. We doden de tijd met te lezen, te koken, te eten, te slapen. Langs de twee kanten is er zwaar artilleriegeschut. Men blijft er mee doorgaan, huizen te vernielen, bomen om te kappen en prikkeldraadversperringen aan te leggen. De aanhoudende regen heeft het niveau van het water nog doen stijgen. Ontelbaar veel meeuwen worden er door aangetrokken!! Bij de terugtocht naar AVECAPELLE kan ik niet volgen omdat mijn nieuwe schoenen zo een pijn doen, pas om 21u. kom ik er aan.

Zaterdag 28 november 1914

We hebben nauwelijks de tijd gekregen om te ontbijten wanneer we, spade en houweel op de schouder, naar de spoorlijn moeten om er te gaan werken. De grond is er uitermate drassig, we zakken er steeds maar dieper en dieper in weg … En dan worden we teruggeroepen, nog maar pas zijn we op de weg gekomen, of het regent obussen en schrapnels op de plaats waar we zoëven nog aan het werk waren. We gaan nu vuil ruimen in het dorp, een afstotend werk maar uiterst noodzakelijk. Onderweg komen we een schitterend hoofdkwartier voorbij, het is omstuwd door vertegenwoordigers van de hele wereldpers, die er op bezoek zijn.

‘s Namiddags blijven we straatkeerder spelen! Nu en dan wordt een gekwetste aangevoerd, want nog steeds vallen er schrapnels. Nu mag het novemberweer nog zo slecht zijn, er wordt gezwansd, en voor een kleinigheid wordt er gelachen. ‘s Avonds bemannen we de loopgrachten aan de overweg van het spoor, op de weg zo een 150 m. verder naar vóór wordt een schildwacht uitgezet. Om 11u. wordt een speciaal peloton naar vóór gestuurd om een vijandelijke loopgracht in te nemen en de borstwering ervan te vernietigen! We krijgen een kalme en vrij goede (warme) nacht, maar wel met veel regen.

Vrijdag 27 november 1914

De commandant blijft bij zijn weigering mij naar VEURNE te laten gaan. Ik heb mijn telegram dan maar meegegeven met een soldaat die er naar toe ging, maar ik twijfel er sterk aan dat hij hem ook zal verzenden! Terzelfder tijd heb ik een brief en een kaart op de post gedaan, kon ik ze maar vergezellen!

Het is regenachtig weer. Eindelijk heb ik nieuwe bottines gekregen! Ik blijf heerlijk tafelen, ‘s middags bij die brave vrouw die voor mij kookt, het is één van de weinige genoegens die me blijven! Het gerucht doet de ronde dat PERVYSE weer gebombardeerd is, er zouden 27 gekwetsten zijn. Ik heb diarree gekregen. En weer is het ogenblik van vertrekken daar! In PERVYSE logeren we in een klein huisje, er ligt geen stro, we moeten op de koude stenen slapen, resultaat: geen oog dicht gedaan!

Donderdag 26 november 1914

In afwachting van nieuwe schoenen, loop ik rond met enorme klompen aan mijn voeten, ze komen nog van PERVYSE. In het gezelschap van enkele kameraden bracht ik een aangename rustdag door. We hebben zelfs wat snuisterijen gekocht, die worden meegebracht door de chauffeurs van de auto’s: boter aan 5,80 Fr. per kg, 0,25 Fr. voor een reep chocolade, 0,15 Fr. voor een taartje, 1,30 Fr. voor een camembertkaas. Men zou bijna denken niet meer aan het front te zitten, ware het niet de hoge prijzen die aangerekend worden. Voor de eerste maal sinds het uitbreken van de oorlog heb ik deze avond op de zolder van de school de gelegenheid gehad om een ernstig gesprek te voeren over de universiteit, de cursussen, de profs! Ik heb me daarbij zodanig laten meeslepen, dat ik op een gegeven ogenblik als het ware ontwaakte uit een droom. De zware balken van de zoldering, de stemmen van de makkers naast ons, het kwam mij allemaal vreemd voor. Ik had er moeite mee terug te keren naar de werkelijkheid, in AVECAPELLE, in WEST VLAANDEREN!! In oorlogstijd! Het leek mij ongelooflijk!

Ongelukkig kreeg ik geen toelating van de commandant om naar VEURNE te gaan om een telegram te gaan versturen naar vader, die moet dood ongerust zijn, nu hij geen antwoord krijgt. Ik moet ten allen prijze trachten in VEURNE te geraken!

 

Woensdag 25 november 1914

Op wat mitrailleurgekletter na is het een kalme nacht geweest. Zoals steeds, moet ieder van ons één of tweemaal de wacht optrekken achter de loopgraven. Onverhoeds in een bomkrater tuimelen, die men niet gezien heeft, is zowat het enig gevaar dat men daarbij loopt. Het wordt een weinig interessante doodgewone dag. ‘s Namiddags wacht mij een aangename verrassing: uit NEDERLAND krijg ik een telegram van vader, gedateerd van de 23e, en er is ook een kaart uit ENGELAND, van PAUL KENIS22.

We hebben heerlijk weer om terug naar AVECAPELLE te gaan, het wordt opnieuw kouder.

 

22 Kozijn

Dinsdag 24 november 1914

Deze nacht heb ik afgezien van de koude, en ik krijg ook weer reuma. In de loopgracht kregen we warme chocolademelk uitgedeeld, die door de Engelse missen was bereid. PERVYSE begint stilaan te herleven … Een beenhouwer en een kapper hebben er zich opnieuw geïnstalleerd! Verbazend genoeg lopen er ook weer jonge boerinnetjes door de straten. Het is minder koud geworden. De lucht is overtrokken. Meeuwen krijsen en spelen over de watervlakten die zich vóór ons uitstrekken. Maar de kanonnen blijven grommelen. Tegen de avond installeren we een kacheltje dat we ergens tussen de puinen gevonden hebben.

Maandag 23 novembe 1914

Het is minder koud. Deze nacht is er intens artillerievuur geweest. Het is trouwens al enkele dagen dat zwaar geschut dondert van de morgen tot de avond. Met veel plezier heb ik de brieven beantwoord die ik kreeg van mijn oude vriend FERNAND BERNIER die samen met DETRY21 in een villa zit in DE PANNE, en ook van neef HENRI, die in tegenstelling tot wat ik dacht, met zijn familie in TURNHOUT is gebleven.

Deze namiddag was ik mij aan het warmen in een klein huisje, toen er een gezin binnen kwam, ze vroegen of ze zich ook wat mochten warmen. Het waren een vader, moeder, drie kinderen en een oude man. Ze kwamen van de streek van VEURNE, en ze hadden gedacht dat ze terug konden keren naar hun huis in EESEN bij DIKSMUIDE. Nu waren ze op de dool geraakt, ze wisten niet waar ze iets te eten zouden vinden, noch waar ze zouden kunnen slapen. De vrouw weende van schaamte omdat ze zich verplicht voelde te bedelen. Ze hadden hun zondagse kleren aan, maar konden hun ondergoed niet verversen. Ik ben dan de overschot gaan halen van een soldatenbrood, dat met gretigheid aanvaard werd. Wat had ik medelijden met hen! Ik duwde de oude man twee frank in de hand, hij gaf me de indruk het niet goed te begrijpen. Hoeveel van zulke sukkelaars dwalen er hier niet rond in de dorpen zonder eten en zonder onderkomen, vervloekt zij deze oorlog!

Om 5u. gaan we naar PERVYSE, we kunnen flink doorstappen, want de weg ligt er nu goed bruikbaar bij. Ons peloton gaat vanavond nog naar de loopgrachten bij de spoorlijn, die nu heel wat beter in orde gebracht zijn om ons te ontvangen. Men spreekt alweer van een aanval voor deze nacht. De voorposten werden versterkt. Als het waar zou zijn dat de Duitsers er op uit zijn door te breken nabij DIKSMUIDE, liever dan bij IEPER, dan zouden de geruchten over een nakende aanval wel eens waar kunnen zijn.

 

21 Legerkameraad

Zondag 22 november 1914

Het blijft koud en droog weer, zoveel te beter! ‘s Morgens ga ik me warmen aan de haard in een café. ‘s Middags heeft een brave vrouw weer een excellent diner klaar gemaakt: bouillon, beefsteak, prinsessenboontjes en aardappelen naar believen. Daarna, koffie en sigaretten. Bij zoiets herleeft men. Om 11u. ga ik naar de mis. Tijdens de dienst speelt  het  muziekkorps  het  stuk   “Cavaleria rusticana”.  Wat  is  de  sombere ijzervlakte nu ver weg, nu men gewiegd wordt door de tonen van die heerlijke muziek. Ik verlaat de kerk, als kwam ik uit het theater. Ik voel me een heel ander mens, de beslommeringen zijn weg, ik voel mij gesterkt. De namiddag breng ik door in een cafétje, waar na een zeker uur nog enkel wijn en cognac wordt gedronken. Er lopen enkele mooie dames rond, officieren en soldaten zitten er zij aan zij, en men vergeet de moeilijke tijden en de droeve momenten. Ik ga laat slapen, om 8u.

Zaterdag 21 november 1914

Vandaag is het rustdag. Ik ga een kijkje nemen bij de schrijnwerker en de smid van het dorp, heel interessant op dit ogenblik. Het is een schitterende winterdag. ‘s Namiddags ga ik me wat opwarmen in een huisje dat letterlijk overrompeld is door soldaten. Ik smelt er het vet dat ik heb laten meebrengen uit VEURNE, zo heb ik ten minste voor een tijdje de zekerheid dat ik geen droog brood zal moeten eten. Na een aangename dag vervoeg ik de troep die in de school is ingekwartierd.