Maandelijks archief: november 2017

Woensdag 28 november 1917

Het is in de avond, en na een uitputtende mars van 6 uur zijn we in LIGOMBASI aangekomen. Dragers en soldaten wankelen op hun benen van zwakte. Om 20 u. is mijn slaapgerief nog steeds niet aangekomen.

De “posho”149 is eindelijk aangekomen! Maar goed dat we zo snel gemarcheerd hebben om die zo rap mogelijk tegen te komen!

“Ze” hebben de rijst met handvollen tegelijk in de mond gepord, zonder de moeite te nemen hem te koken! Een onderofficier vertelt me dat hij gezien heeft hoe dragers rode aarde gemengd met zout hebben gegeten!! Het verwondert me niets. Binnen 4 dagen zullen we in MAHENGE zijn en binnen een maand in KILOSA.

Niettegenstaande de zeer vermoeiende dagen die we hebben gekend voel ik me bijzonder goed in vorm.

 

  1. Posho: bevoorrading.

Maandag 26 november 1917

We zijn aan de MARAGANDU op 2 uur ten zuiden van LUVEGU. We hebben een korte etappe achter de rug die me, uitzonderlijk wat rust heeft verschaft. Gewoonlijk wordt de dagmars beëindigd ‘s middags rond 13 u. Dan is er 2 à 3 uur nodig om alles in gereedheid te brengen, en dan volgt het doktersbezoek van de zieken en het microscopisch onderzoek van ontlasting en bloed dat tot ‘s avonds duurt. Gewoonlijk ga ik vroeg naar bed meestal omdat ik moe ben, maar vooral omdat het te donker wordt om nog iets te doen.

Vandaag heb ik geprofiteerd van de vrije tijd op het eind van de dag om een wandeling te maken door de feeërieke laan gevormd door de droogliggende bedding van de MARAGANDU. De bodem is als een zacht tapijt van fijn zand, het geheel afgeboord met palmbomen, cactussen en gigantisch hoge grassoorten.

De jacht heeft heel goed gegeven, gelegenheid om de buik eens extra te vullen. Op dit eigenste ogenblik kan men de hyena’s horen die rond het kamp sluipen, aangetrokken door de laatste restjes afval.

Het kan ongelooflijk grotesk lijken, onvoorstelbaar fantastisch, en toch is het waar: morgen   keren   we   terug   naar   MAHENGE   ingevolge  de  orders  van  het  grote hoofdkwartier! Aangezien in LIWALE onvoldoende voedsel te vinden is wordt ons bevoorrading tegemoet gestuurd. Heel de geschiedenis heeft te maken met een telegram die slecht was opgesteld, of die verkeerd werd begrepen.

Zondag 25 november 1917

In de schemering lig ik op het zand vlakbij het platte kalme water van de LUVEGU, bezaaid met eilandjes. Ik heb liggen kijken hoe de zon langzaam onderging achter de immense borassus bomen, die zachtjes in de wind wiegen. “Wat doet de blanke daar toch?” hoor ik een soldaat die aan het zwemmen is vragen. “Hij denkt aan EUROPA” antwoordt een ander. Terwijl ik daar zit komen dragers voorbij met een wild zwijn, het  dier hangt lamentabel aan een “stick” die onder de huid van zijn rug is geregen. Dan begint de duisternis te vallen en de opkomende wind drijft me naar de tent. Er beginnen enkele druppels te vallen. Gaat dan toch eindelijk die troosteloze zandvlakte waar we straks weer doorheen moeten, een beetje vocht krijgen?

Zaterdag 24 november 1917

We zijn terug in KABATI waar we gisteren ook voorbij zijn gekomen. Ik ben verplicht geweest deze morgen, om mij te ontdoen van mijn zieken door hen naar MAHENGE te sturen waar nog alleen maar Britten zijn. Ik had geen levensmiddelen om hen mee te geven, en de reis gaat 5 à 6 dagen vragen!!

Onze piotten eten nu op de 24e al wortels van bomen, er zijn al gevallen voorgekomen van dodelijke vergiftiging. Dragers sterven van uitputting. Er heerst dysenterie, en waar moet ik naar toe met de zieken en met deze die kiemdragers zijn? Waar gaat dat alles ons leiden? Morgen zullen we in LIUGU zijn, het gaat een waar festijn zijn voor ons allemaal: de enige plaats waar we niet aangewezen zijn op bedorven water van stinkende putten. Hopelijk brengt de jacht er goed op!

 

Vrijdag 23 november 1917

Het is avond in het kamp “van het kanon”. Onze droeve geschiedenis wordt stilaan ongelooflijk. Gisteren zijn we in een mars van 5 uur tot in LIUGU gegaan. Vandaag hebben we een mars van 6 uur achter de rug, met de rusttijden meegerekend, 8 uur in een brandende zon. Dragers en soldaten waren op, ze hebben zich gewoon op de weg neergelegd.

Welnu?… Morgen moeten we terug naar KABATI om vervolgens naar LIWALE te gaan!!! Meer is het niet!! Ach! Wat is er toch veel mogelijk in AFRIKA! De manschappen beschikken over levensmiddelen tot de 25e inbegrepen, althans in theorie.

Vanaf morgen, de 24e, dag waarop ze in werkelijkheid niets meer zullen hebben, gaan we trachten hen zoveel mogelijk van de jacht te doen leven. Naar mijn gevoel zullen we daar moeten mee doorgaan tot de 28e inbegrepen. Ik ben wel eens benieuwd te zien hoe de mentaliteit bij onze zwarte soldaten gaat evolueren  in  die  periode.

Wij Europeanen, hebben voldoende levensmiddelen om tot JIMA-JIMA te geraken. Er zijn koeriers gestuurd naar MAHENGE en LIWALE, om ons zeer dringend een colonne met levensmiddelen tegemoet te sturen.

Ik vrees dat we voor een zware verantwoordelijkheid gaan komen te staan.

Woensdag 21 november 1917

We zijn nu in KAHAMBA op 4 uur ten westen van JIMA-JIMA . Er is hier een groot Duits hospitaal voor Europeanen. Het is een indrukwekkend gebouw en de Duitsers hebben er veel materiaal en geneesmiddelen achtergelaten. Normaal hadden we deze morgen moeten vertrekken naar LIWALE. Na lange en serieuze voorbereiding was het probleem van de bevoorrading in levensmiddelen en water geregeld voor een mars van 6 dagen (voor de colonne zou het wellicht 8 dagen zijn) tot in LIWALE. Deze nacht zijn echter nieuwe orders binnengekomen: we keren terug naar MAHENGE! De troepen die in MAHENGE lagen zijn vertrokken naar KILOSA. Voor ons betekent dat waarschijnlijk het einde van de veldtocht.