Dinsdag 29 september 1914

De zon komt vroeger op dan verwacht. We krijgen beter weer. Tijdens de eerste uren van de dag wordt er wat over en weer geschoten. Sergeant WERCHIFOSSE komt er mee pochen dat hij een schildwacht heeft neergeschoten. Een half uur later, brengt men op twee geweren gedragen, diezelfde sergeant terug met een kogel in de zij. Hij is stervend. Hij wordt snel begraven op het nabij gelegen kerkhof. Rond 8u ontploffen er aan onze rechterkant plots een aantal schrapnels, juist boven de loopgraven. Ze komen van het vijandelijk geschut, dat een 300 à 400 m. vóór ons is opgesteld. De beschieting duurt zo een 5 à 10 minuten. Het vuren gebeurt in zeer snel tempo en de richting ervan verplaatst zich naar links, naar ons toe dus. We krijgen bevel om ons terug te trekken, het was meer dan tijd! De schrapnels kwamen eraan! Een aftocht is altijd een trieste en gevaarlijke onderneming. Dank zij luitenant HAMIS, een moedig en bekwaam officier, die de broer is van de eerste luitenant die we hadden, verloopt alles in goede orde. We trekken ons terug in vlagen, en telkens over korte afstanden, terwijl de schrapnels ons omzeggens op de voet volgen. Zoveel als mogelijk zoeken we dekking achter gebouwen en hooimijten. Na enige tijd moeten we terug naar vóór oprukken om er de 2e lijn van loopgrachten te bemannen. De vijand heeft ongetwijfeld het terrein goed verkend want nauwelijks zijn we er aangekomen of een volle laag mijngranaten drijft ons alweer achteruit. Driemaal na mekaar rukken we op, en driemaal na mekaar komen de schrapnels ons achterna. Scherven, nog warm van de ontploffing, liggen overal om ons heen. Kolonel JACQUES die poolshoogte is komen nemen, toont ons de onderkant van een projectiel dat op 1 m. langs zijn hoofd vloog. Heel de lijn wordt ontruimd. Het begint weer te regenen. Het bataljon wordt gehergroepeerd voorbij BREENDONCK. Onze verliezen blijken beperkt: drie doden en enkele gekwetsten. De tweede compagnie daarentegen heeft enorme verliezen geleden, dat is ook het geval voor 3/III (3e comp. v.h. 3e bat?) De gekwetsten komen voorbij, een jong officier zit stil te wenen, zijn vriend is gesneuveld. We zetten ons weer op weg. Het hele regiment verzamelt in WILLEBROECK. We eten wat, we slapen wat, we vertellen mekaar ons wedervaren, en intussen … zitten we te wachten om alweer verder te trekken. Plots komt onze artillerie in gestrekte draf voorbij gereden, ze worden achterna gevolgd door een regen van schrapnels, en wij krijgen de volle laag. Op een paar minuten tijd stuiven we als mussen uiteen. Voor de doorgang van de prikkeldraadversperring verdringen infanteristen zich samen met een menigte vluchtelingen, tussen de aftrekkende kanonnen en munitiewagens. Eens daar voorbij komt men terug tot kalmte, en het regiment wordt geïnstalleerd in SAUVEGARDE. Drie uur lang blijven we ter plaatse, op een drassig terrein, het water staat in onze bottines. Bij het vallen van de avond, komt het 9e regiment eraan vanuit St KATELIJNE WAVER, en wij krijgen bevel te vertrekken. Naar het schijnt zouden wij de loopgrachten achter de eerste lijn gaan bemannen, en dat terwijl iedereen uitgeput is. Per ongeluk worden we de verkeerde weg opgestuurd, en zo komen we terecht in  WILLEBROECK,  dat nog maar pas gebombardeerd werd. De wegen zitten dan ook vol met vluchtelingen. We keren op onze stappen terug en nemen de weg die we deze namiddag volgden. Tot mijn grote verrassing worden we een uur later geïnstalleerd in een kantonnement vlak bij het fort. Het is intussen 21u30 geworden. Na nog een forse maaltijd leg ik mij te rusten. Het kanongebulder is niet uit de lucht.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>